Esmeralda:
Ik weet niet of u mij hoort, heer,
Of bent u echt dichtbij?
Zou u naar zigeuners luisteren;
Luistert u naar mij?
Ja, ik ben misschien wel uitschot,
Ik zeg maar wat ik voel,
Maar iets in uw blik vertelt mij
Dat u weet wat ik bedoel.
God, heb genade voor wie niets heeft.
Geef het vertrouwen dat niemand hen geeft.
God, help mijn vrienden; hun leven is kil.
God, help het uitschot dat niemand meer wil.
Chorus:
Ik vraag u faam, ik vraag u macht.
Ik vraag u rijkdom, gezondheid en kracht.
Ik vraag geluk, zolang ik leef.
Ik vraag dat God mij zijn zegen mag geven.
Esmeralda:
Ik zal niets vragen, ik hoef niets voor mij,
Maar help al die anderen en sta hen toch bij.
God, help het uitschot, bespuwd en bespot;
Zij zijn toch allen ook kinderen van God.
God, help het uitschot, ook kinderen van God.